Hoopvol kijk ik uit naar morgen.
Daarnet heb ik met Johan, een jeugdvriend, afgesproken en we gaan er samen nog eens op uit om samen de duiven te belagen.
Mocht ik een jachtwachter nodig hebben, ik zou het wel weten. Ik koos voor Johan.
Ik ken immers weinigen die met zoveel passie het jachtgebeuren genegen zijn. Met respect voor de natuur en alle gebruikers ervan.
Maar ja, dat weten zijn jachtheren (!) maar ook al te goed.
Meer dan 4000 ha jachtterrein bewaakt en beheert hij. En dat terwijl hij nog er nog een dagtaak op nahoudt. De pensioenleeftijd lonkt ondertussen, zodat hij zich binnenkort volledig op jacht en natuur kan toeleggen.
Meer nog zijn echtgenote L. steunt hem door dik en dun. In goede en slechte tijden (sic). In een huis waar iedereen welkom is, met spijs en drank ontvangen wordt en waar ik vroeger vaak tot de vroege uurtjes placht te vertoeven. Soms slapend op de sofa, liefdevol toegedekt met een dekentje.
Morgenochtend sta ik paraat. Wat het wordt, vernemen jullie later wel.
Een blog over jagen, vissen, boten, muziek, actualiteit, geschiedenis, politiek, Ierland, internet en nog zoveel meer
vrijdag 19 december 2014
donderdag 18 december 2014
Gezond verstand primeert blijkbaar momenteel enkel in Denemarken
Proficiat. Hulde aan het gezond verstand.
Hopelijk blijft het niet alleen bij woorden, bij politici moet je immers altijd meer dan op je hoede zijn.
Nogmaals gefeliciteerd want Denemarken heeft resoluut de kaart van de sportvisserij gekozen. De minister van visserij van Denemarken, Dan Jorgensen, heeft bevestigd dat de sportvisserij in Denemarken de hoogste prioriteit krijgt. Er komt een uitbreiding van het verbod op commerciële visserij en (forel)netten voor een groot aantal (kust)wateren. Vismigratie wordt verbeterd en controle verscherpt. Hierdoor hoopt men dat het visbestand (zeeforel !) meer kansen krijgt en voor hengelaars aantrekkelijker wordt. Eindelijk ziet een Europees land het grote (economisch) belang van de sportvisserij in en handelt er ook naar.
Meer dan een pyrrusoverwinning is het spijtig genoeg niet nu Europa beslist heeft de zeebaarsvisserij niet aan banden te willen leggen. Daar gaan terug alle mooie voornemens van duurzame visserij de prullenmand in. Het gouden kalf hoeft zo nodig terug geslacht. Om de zeebaarsstand terug op peil te krijgen is een reductie van de visserijsterfte met 60 % noodzakelijk. Mooi niet dus.
En hoe scoort Nederland wat zijn duurzame doelstellingen betreft ? Zoals ik het uit de media begrijp : hopeloos. De terugkeer van zeeforel en zalm op de grote rivieren blijkt veel te hoog gegrepen. Hoe kan het ook anders, met al die netten ? Maar zelfs de terugkeer van de rivierprik wordt professioneel genekt. Het was blijkbaar genoeg dat het aantal rivierprikken schoorvoetend toenam om er terug eens goed commercieel tegen aan te gaan. Ondertussen is bekend dat 60.000 rivierprikken verhandeld zijn aan Engeland, als aas voor sportvissers, alsof het nog niet erg genoeg is. Kan het nog ironischer ?
Persoonlijk is niet alles kommer en kwel. De bosduiven floreren in grote aantallen in het revier. Maandag werd een ouderwetse topdag waarbij Roland, Johan en ikzelf tientallen duiven konden strekken. Duiven waarvan een krachtige bouillon getrokken wordt, die al basis voor een stevige wintersoep dient. Een duurzaam biologisch product. Het poldersnoeken daarentegen kan niet anders dan slecht genoemd te worden. Te veel vissers voor te weinig water, de nefaste invloed van het internet, dressuur, een afname van het aantal snoeken,..., noem maar op. Onze vroegere goede stekken zijn verprutst door de plotse hengeldruk en wie weet, waarschijnlijk ook, door het meenemen van snoek.Wat snoek betreft, weten we even niet meer waar naar toe.
Hopelijk blijft het niet alleen bij woorden, bij politici moet je immers altijd meer dan op je hoede zijn.
Nogmaals gefeliciteerd want Denemarken heeft resoluut de kaart van de sportvisserij gekozen. De minister van visserij van Denemarken, Dan Jorgensen, heeft bevestigd dat de sportvisserij in Denemarken de hoogste prioriteit krijgt. Er komt een uitbreiding van het verbod op commerciële visserij en (forel)netten voor een groot aantal (kust)wateren. Vismigratie wordt verbeterd en controle verscherpt. Hierdoor hoopt men dat het visbestand (zeeforel !) meer kansen krijgt en voor hengelaars aantrekkelijker wordt. Eindelijk ziet een Europees land het grote (economisch) belang van de sportvisserij in en handelt er ook naar.
Meer dan een pyrrusoverwinning is het spijtig genoeg niet nu Europa beslist heeft de zeebaarsvisserij niet aan banden te willen leggen. Daar gaan terug alle mooie voornemens van duurzame visserij de prullenmand in. Het gouden kalf hoeft zo nodig terug geslacht. Om de zeebaarsstand terug op peil te krijgen is een reductie van de visserijsterfte met 60 % noodzakelijk. Mooi niet dus.
En hoe scoort Nederland wat zijn duurzame doelstellingen betreft ? Zoals ik het uit de media begrijp : hopeloos. De terugkeer van zeeforel en zalm op de grote rivieren blijkt veel te hoog gegrepen. Hoe kan het ook anders, met al die netten ? Maar zelfs de terugkeer van de rivierprik wordt professioneel genekt. Het was blijkbaar genoeg dat het aantal rivierprikken schoorvoetend toenam om er terug eens goed commercieel tegen aan te gaan. Ondertussen is bekend dat 60.000 rivierprikken verhandeld zijn aan Engeland, als aas voor sportvissers, alsof het nog niet erg genoeg is. Kan het nog ironischer ?
Persoonlijk is niet alles kommer en kwel. De bosduiven floreren in grote aantallen in het revier. Maandag werd een ouderwetse topdag waarbij Roland, Johan en ikzelf tientallen duiven konden strekken. Duiven waarvan een krachtige bouillon getrokken wordt, die al basis voor een stevige wintersoep dient. Een duurzaam biologisch product. Het poldersnoeken daarentegen kan niet anders dan slecht genoemd te worden. Te veel vissers voor te weinig water, de nefaste invloed van het internet, dressuur, een afname van het aantal snoeken,..., noem maar op. Onze vroegere goede stekken zijn verprutst door de plotse hengeldruk en wie weet, waarschijnlijk ook, door het meenemen van snoek.Wat snoek betreft, weten we even niet meer waar naar toe.
dinsdag 2 december 2014
Mooi en veel minder mooi
Verleden zondag, tijdens het nakaarten over de jacht, werd ik uitgenodigd voor een ouderwets voormiddagje hazen jagen, nabij het poldergebied, niet zo ver van mijn woning. Heel prettig om Etienne, de jachtrechthouder van dit kleine jachtparadijsje, na meer dan 10 jaar nog eens terug te zien. Hij is al wat op leeftijd, zijn rug wil niet meer zo goed mee. Dus posteert hij zich steeds op het einde van een drift, terwijl wij, de jongere garde, voor de voet de zompige velden en weilanden bejagen. Mijn compagnons voor deze dag waren M. en S., vader en zoon, jagers sinds nog maar een jaar of vijf. Volledig in de ban van de jacht en goede geweren. Op één misser na werden alle aangesproken stuks gestrekt zodat we tegen de middag een tableau hadden van 5 hazen, vier eenden, 3 konijnen en 1 duif. Etiennes vrouw had voor een vispannetje als voorgerecht, fricandon en appeltaart met ijs toe, gezorgd zodat we wel voldaan in de namiddag naar huis reden. Mooi.
Veel minder mooi is het hengelsport- en visserijbeleid in Nederland. Ik kan er maar niet over zwijgen. Alhoewel het de meeste politici geen ene mallemoer interesseert. Wat zouden ze.En ik kan het weten. Ik zat vaak op de eerste rij bij dit schouwspel.
Het is zover gekomen dat de Nederlanders de Duitsers nodig hebben om hen op hun falend visserijbeleid te wijzen. Dr.Rainer Hagemeyer van Der Atlantische Lachs, een vereniging die de zalm wil herintroduceren op de grote Duitse riviersystemen zoals dit van de Rijn, legt terecht de vinger op de wonde ( zie : http://www.sportvisserijnederland.nl/sportvissers/actueel/6074/brandbrief_nederlands_visserijbeleid.html ). Honderden miljoenen euro (!!!) voor de introductie en instandhouding van een duurzaam zalm- en zeeforelbestand zijn gewoonweg in het water gegooid door de onverantwoorde commerciële visserij op de Nederlandse benedenrivieren. Een visserij, die niet alleen verantwoordelijk is voor de teloorgang van de witvis- en roofvisstand, maar ook van de zalm en zeeforel. En aangezien ik het vroeger meermaals met eigen ogen zag, kan ik naar waarheid getuigen dat ondanks de beschermde status beroepsvissers regelmatig zeeforel aanlandden. Ze zaten toch dood in de netten.
Dr. Hagemeyer schrijft terecht : " How is it possible that for the profit of only a few commercial fishermen the efforts of countless people and institutions and the investments of several millions of euros are jeopardized or annihilated ?
Awel, dat begrijp ik nu ook niet. Duurzaamheid, mijn kl.. zouden ze in Vlaanderen zeggen. Arme politici, arm Sportvisserij Nederland. Of let op mijn woorden, maar kijk niet naar mijn daden.
Veel minder mooi is het hengelsport- en visserijbeleid in Nederland. Ik kan er maar niet over zwijgen. Alhoewel het de meeste politici geen ene mallemoer interesseert. Wat zouden ze.En ik kan het weten. Ik zat vaak op de eerste rij bij dit schouwspel.
Het is zover gekomen dat de Nederlanders de Duitsers nodig hebben om hen op hun falend visserijbeleid te wijzen. Dr.Rainer Hagemeyer van Der Atlantische Lachs, een vereniging die de zalm wil herintroduceren op de grote Duitse riviersystemen zoals dit van de Rijn, legt terecht de vinger op de wonde ( zie : http://www.sportvisserijnederland.nl/sportvissers/actueel/6074/brandbrief_nederlands_visserijbeleid.html ). Honderden miljoenen euro (!!!) voor de introductie en instandhouding van een duurzaam zalm- en zeeforelbestand zijn gewoonweg in het water gegooid door de onverantwoorde commerciële visserij op de Nederlandse benedenrivieren. Een visserij, die niet alleen verantwoordelijk is voor de teloorgang van de witvis- en roofvisstand, maar ook van de zalm en zeeforel. En aangezien ik het vroeger meermaals met eigen ogen zag, kan ik naar waarheid getuigen dat ondanks de beschermde status beroepsvissers regelmatig zeeforel aanlandden. Ze zaten toch dood in de netten.
Dr. Hagemeyer schrijft terecht : " How is it possible that for the profit of only a few commercial fishermen the efforts of countless people and institutions and the investments of several millions of euros are jeopardized or annihilated ?
Awel, dat begrijp ik nu ook niet. Duurzaamheid, mijn kl.. zouden ze in Vlaanderen zeggen. Arme politici, arm Sportvisserij Nederland. Of let op mijn woorden, maar kijk niet naar mijn daden.
maandag 1 december 2014
Idiot wind
Mijn vrienden zijn nog steeds verwonderd dat ik van op zijn minst ongeïnteresseerd in Bob Dylan, in enkele jaren tijd zo'n fan van een groot deel van zijn werk geworden ben. Beter laat dan nooit.
Waarlijk een rasartiest met een uiterst herkenbare stem en vocale stijl met kenmerkende nasale uithalen. Verbaal zeer sterk, alhoewel niet altijd even begrijpelijk qua teksten.
Sinds enkele weken ben ik in de ban van "Blood on the tracks", wellicht zijn meesterwerk uit 1975. Ondertussen heb ik het album, meestal op weg naar het werk, ettelijke malen herbeluisterd. Het verveelt me nooit en telkens valt er nog iets mooi te ontdekken.
Toen ik zaterdag na een voormiddagje jagen meer dan een uur in de file stond, zullen wellicht mijn filegenoten opgekeken hebben van een in het camo geklede, luidkeels meezingende (?!) jager.
Gisteren reed ik naar een memorabele jachtdag, nu eens niet als jager maar als drijver. Met de fiets. Zo kan ik tijdens de middag en 's avonds bij het gezellig samenzijn onder vrienden ook eens een paar drankjes nuttigen. Op tijd en stond en in goed gezelschap nooit af te slaan, zeker niet in Vlaanderen waar het aanbod van kwaliteitsbieren schier onbeperkt is.
Een halfuurtjes fietsen had ik voor de boeg. Met de Chameaulaarzen aan en de oortjes van de Ipod in de oren. Slecht 1 nummer op repeat. "Idiot Wind" van Dylan. Een song waarvan Lou Reed verklaarde dat het hem bijzonder speet dit nummer nooit zelf geschreven te hebben.
"I can't help it if i'm lucky" zingt Dylan in dit nummer. Voor een groot deel heeft het leven me meegezeten, alhoewel ik jaren een zware ziekte had te bekampen en het mede hierdoor tot een breuk kwam met mijn all-time love.
Aan alles komt een eind, zo ook gisteren aan de jaarlijkse terugkerende jachtpartij van de aloude adellijke familie dH, waarvan mijn grootmoeder jarenlang de gouvernante was.
Na de dood van de stamvader werd de buitenresidentie, een kasteel zoals er in Vlaanderen nog veel in het buitengebied te vinden zijn, verkocht.
De jaarlijkse jachttraditie werd in ere gehouden tot en met gisteren. Het was de laatste maal dat een georganiseerde jachtdag met genodigden plaats vond. Van volgend jaar af word er enkel occasioneel en dan nog alleen in beperkt familieverband gejaagd.
Niet alleen wordt de band van de familie met de locatie jaar na jaar minder het wildbestand gaat jaarlijks achteruit zodat het bijna niet meer de moeite is. Spijtig voor de familie, die we genegen zijn en graag een mooie jachtdag bezorgen. Spijtig voor de jachtwachter die er ondanks al zijn inspanningen heel moeilijk in slaagt het wildbestand te verbeteren. Vooral de hazenstand heeft enorm geleden onder de moderne landbouw en het steeds maar groeiende vossenbestand.
Aangezien niet alleen het wildstand bepalend is, maar ook de ambiance onder aloude vrienden, was het gisteren ondanks het donkere, troosteloze mistige weer terug een mooie dag. Een minder tableau maar de onderlinge vriendschap en de vele, soms flauwe, grappen maakten veel goed. Plezier maken we voor een groot deel zelf. En dan het eten van de jachtwachters echtgenote niet te vergeten. Overvloedig, uitstekend en rijkelijk met streekbieren, van een niet te laag alcoholpercentage, overgoten. Niet naar huis kunnen gaan, "blijven plakken" zoals ze in Vlaanderen zeggen. Van tafel opstaan, om daarna toch terug voor een half uur te gaan zitten. Uiteindelijk kwam ik toch nog rond middernacht thuis. Helder van geest na de fietstocht, katerloos deze ochtend.
Waarlijk een rasartiest met een uiterst herkenbare stem en vocale stijl met kenmerkende nasale uithalen. Verbaal zeer sterk, alhoewel niet altijd even begrijpelijk qua teksten.
Sinds enkele weken ben ik in de ban van "Blood on the tracks", wellicht zijn meesterwerk uit 1975. Ondertussen heb ik het album, meestal op weg naar het werk, ettelijke malen herbeluisterd. Het verveelt me nooit en telkens valt er nog iets mooi te ontdekken.
Toen ik zaterdag na een voormiddagje jagen meer dan een uur in de file stond, zullen wellicht mijn filegenoten opgekeken hebben van een in het camo geklede, luidkeels meezingende (?!) jager.
Gisteren reed ik naar een memorabele jachtdag, nu eens niet als jager maar als drijver. Met de fiets. Zo kan ik tijdens de middag en 's avonds bij het gezellig samenzijn onder vrienden ook eens een paar drankjes nuttigen. Op tijd en stond en in goed gezelschap nooit af te slaan, zeker niet in Vlaanderen waar het aanbod van kwaliteitsbieren schier onbeperkt is.
Een halfuurtjes fietsen had ik voor de boeg. Met de Chameaulaarzen aan en de oortjes van de Ipod in de oren. Slecht 1 nummer op repeat. "Idiot Wind" van Dylan. Een song waarvan Lou Reed verklaarde dat het hem bijzonder speet dit nummer nooit zelf geschreven te hebben.
"I can't help it if i'm lucky" zingt Dylan in dit nummer. Voor een groot deel heeft het leven me meegezeten, alhoewel ik jaren een zware ziekte had te bekampen en het mede hierdoor tot een breuk kwam met mijn all-time love.
Aan alles komt een eind, zo ook gisteren aan de jaarlijkse terugkerende jachtpartij van de aloude adellijke familie dH, waarvan mijn grootmoeder jarenlang de gouvernante was.
Na de dood van de stamvader werd de buitenresidentie, een kasteel zoals er in Vlaanderen nog veel in het buitengebied te vinden zijn, verkocht.
De jaarlijkse jachttraditie werd in ere gehouden tot en met gisteren. Het was de laatste maal dat een georganiseerde jachtdag met genodigden plaats vond. Van volgend jaar af word er enkel occasioneel en dan nog alleen in beperkt familieverband gejaagd.
Niet alleen wordt de band van de familie met de locatie jaar na jaar minder het wildbestand gaat jaarlijks achteruit zodat het bijna niet meer de moeite is. Spijtig voor de familie, die we genegen zijn en graag een mooie jachtdag bezorgen. Spijtig voor de jachtwachter die er ondanks al zijn inspanningen heel moeilijk in slaagt het wildbestand te verbeteren. Vooral de hazenstand heeft enorm geleden onder de moderne landbouw en het steeds maar groeiende vossenbestand.
Aangezien niet alleen het wildstand bepalend is, maar ook de ambiance onder aloude vrienden, was het gisteren ondanks het donkere, troosteloze mistige weer terug een mooie dag. Een minder tableau maar de onderlinge vriendschap en de vele, soms flauwe, grappen maakten veel goed. Plezier maken we voor een groot deel zelf. En dan het eten van de jachtwachters echtgenote niet te vergeten. Overvloedig, uitstekend en rijkelijk met streekbieren, van een niet te laag alcoholpercentage, overgoten. Niet naar huis kunnen gaan, "blijven plakken" zoals ze in Vlaanderen zeggen. Van tafel opstaan, om daarna toch terug voor een half uur te gaan zitten. Uiteindelijk kwam ik toch nog rond middernacht thuis. Helder van geest na de fietstocht, katerloos deze ochtend.
zondag 23 november 2014
Passie
Toen Jackie, een visvriend en ex-collega van mij, me enkele weken terug vroeg om op zijn verenigingsavond eens wat toelichting te komen geven over kunstaasvissen kon ik moeilijk weigeren.
Enerzijds was het kort dag, anderzijds dacht ik wel wat te vertellen te hebben over het vissen met kunstaasop roofblei. We waren immers bij de pioniers wat deze visserij betreft.
Een ander aspect was dat ik de vereniging zelf een warm hart toe draag. In essentie zijn het bijna allen karpervissers maar dan volgens de traditionele methodes. Veelal met de pen, veelal gebruik makend van vintage hengels. Doordrongen van de literatuur van Schreiner en Jan B. De Winter. Hengelaars met een echte passie voor hun hobby in de natuur. Sportvissers met een hang naar het verleden. Nostalgici, daar hou ik wel van. Onder elkaar discussiërend over de voor- en nadelen van glasvezel- en splitcanehengels, de buiging van oude Jack Hilton karperhengel of de mooie curve van een Richard Walker Mark IV.
Niettegenstaande het onderwerp een beetje buiten hun comfortzone lag, zag ik toch welgemeende interesse en blinkende oogjes bij het zien van de roofbleifoto's.
Enkele dagen ervoor hadden Nico en ik een bezoek gebracht aan een Nederlandse polder, aan de rand van een stad weliswaar. Mijn voorliefde voor oude hengelmaterialen stak terug de kop op. Gewapend met een Pezon et Michel splitcane Luxor Luxe 1200, voorzien van een Luxor 100 molen (weliswaar met dunne gevlochten lijn) en een grote tubefly werd opnieuw een poging ondernomen om enkele van de mooie snoeken die zich daar wel ophouden, te verschalken.
Net voor Paul naar de USA vertrok, enkele weken terug, was ik samen met hem ook al op deze nieuwe locatie geweest en aangenaam verrast door het aantal en de grootte van de snoeken. Toen had ik er één van ongeveer 90 cm weten te vangen, ook op de tubefly en een nog veel grotere gemist. Want ze zitten er zeker, zelfs in behoorlijke aantallen maar wel ook behoorlijk gedresseerd.
De herkansing met Nico kon trouwens niet geslaagd genoemd worden. Oostenwind en zon gooiden roet in het eten. We vingen samen 3 kleine snoekjes. Aangezien we echter meer dan 20 volgers telden, zien ze ons bij betere weersomstandigheden op dezelfde locatie terug. Beste snoeken, pas op uw tellen.
| De grootste van de dag |
Een ander aspect was dat ik de vereniging zelf een warm hart toe draag. In essentie zijn het bijna allen karpervissers maar dan volgens de traditionele methodes. Veelal met de pen, veelal gebruik makend van vintage hengels. Doordrongen van de literatuur van Schreiner en Jan B. De Winter. Hengelaars met een echte passie voor hun hobby in de natuur. Sportvissers met een hang naar het verleden. Nostalgici, daar hou ik wel van. Onder elkaar discussiërend over de voor- en nadelen van glasvezel- en splitcanehengels, de buiging van oude Jack Hilton karperhengel of de mooie curve van een Richard Walker Mark IV.
Niettegenstaande het onderwerp een beetje buiten hun comfortzone lag, zag ik toch welgemeende interesse en blinkende oogjes bij het zien van de roofbleifoto's.
Enkele dagen ervoor hadden Nico en ik een bezoek gebracht aan een Nederlandse polder, aan de rand van een stad weliswaar. Mijn voorliefde voor oude hengelmaterialen stak terug de kop op. Gewapend met een Pezon et Michel splitcane Luxor Luxe 1200, voorzien van een Luxor 100 molen (weliswaar met dunne gevlochten lijn) en een grote tubefly werd opnieuw een poging ondernomen om enkele van de mooie snoeken die zich daar wel ophouden, te verschalken.
Net voor Paul naar de USA vertrok, enkele weken terug, was ik samen met hem ook al op deze nieuwe locatie geweest en aangenaam verrast door het aantal en de grootte van de snoeken. Toen had ik er één van ongeveer 90 cm weten te vangen, ook op de tubefly en een nog veel grotere gemist. Want ze zitten er zeker, zelfs in behoorlijke aantallen maar wel ook behoorlijk gedresseerd.
De herkansing met Nico kon trouwens niet geslaagd genoemd worden. Oostenwind en zon gooiden roet in het eten. We vingen samen 3 kleine snoekjes. Aangezien we echter meer dan 20 volgers telden, zien ze ons bij betere weersomstandigheden op dezelfde locatie terug. Beste snoeken, pas op uw tellen.
maandag 17 november 2014
Terugblik op een zoveelste seizoen riviervissen
Ik blijf het benadrukken.
De hoeveelheid reclame die gevoerd wordt voor hengelen in het algemeen en kunstaasvissen in het bijzonder en de massa's artikelen en websites staan in schril contrast met de vangsten. Die gaan er op de grote rivieren en de deltameren in Nederland alleen maar (sterk) op achteruit.Ware het niet dat we occasioneel nog goede roofbleivangsten beleven, zou ik er sterk aan twijfelen de toch wel dure bootvisserij te blijven beoefenen.
Ik blijf het herhalen.
Volgens mij liggen de oorzaken bij het steeds zuiver wordende en dus minder voedselrijke water met minder biomassa per hectare, gecombineerd met de overbevissing, in de eerste instantie door de beroepsvisserij, niet te verwaarlozen de ontelbare aalscholvers en de explosieve toename van allerlei exoten , zoals de zwartbekgrondel, die er met de kuit van vele vissen vandoor gaan.
En op enig verzet of positieve actie tegen deze gang van zaken hoop ik wel, maar reken ik al lang niet meer. Niet van de sportvissers samen, noch van de hengelsportwinkeliers en - industrie, noch van Sportvisserij Nederland. En al helemaal niet uit politieke hoek. Wat kan het die dames en heren verdommen.
Zwarte Piet veroorzaakt blijkbaar veel meer commotie dan een steeds slechter wordende visstand. Het is maar waar je belang aan hecht.
De snoekbaarsvisserij gaat jaar na jaar achteruit. Pijlsnel.Om nog een paar van die (kleine) glasogen te vangen ben ik bijna verplicht onze levens op het spel te zetten op de snelstromende snelwegen van het scheepvaartverkeer waar gekoppelde duwbakstellen met metershoge golven hengelen vaak tot een hel maken. Die snoekbaarskanjers van weleer, tot 90 cm groot en groter, door ons steeds met liefde terug gezet zijn er lang niet meer.
Waar die goede baarsstand de laatste jaren gebleven is, God only knows.
En de vele windes die we tussendoor aan klein kunstaas vingen, die zijn er ook bijna niet meer. Deze zomer kwam op een twaalftal trips zelfs geen enkele snoek in de boot.
Gelukkig is er nog die ene exoot, die ondertussen behoorlijk ingeburgerd is, die onze dagen soms nog wat weet op te fleuren.
Alhoewel dit seizoen anders dan anders verliep. Omgekeerd . Normaal ligt het zwaartepunt van de vangsten in het tweede deel van ons seizoen, vanaf september tot medio oktober. Nu was het eerder tegenover gesteld met topvangsten vanaf juni om later af te zwakken. Waarschijnlijk was de reden een totaal gebrek aan speldaas op de rivier in september-oktober.
Zowel oppervlaktekunstaas, als ondiep en dieplopende pluggen, vingen naargelang de omstandigheden goed. We ontdekten zwart als een zeer goede kleur voor topwater lures.
We moeten dit jaar in totaal met z'n drieën tussen de 40 à 50 roofbleien gevangen hebben, gemiddeld tussen de 60 à 70 cm in lengte. Al zaten er ook redelijk wat vissen van rond de 80 cm en 10 pond zwaar bij. De laatste van het visseizoen was meteen ook de grootste. 84 cm. En net zoals al onze grote roofbleien trollend
op grote diepte gevangen met een suspending Cotton Cordell Wally Diver
De hoeveelheid reclame die gevoerd wordt voor hengelen in het algemeen en kunstaasvissen in het bijzonder en de massa's artikelen en websites staan in schril contrast met de vangsten. Die gaan er op de grote rivieren en de deltameren in Nederland alleen maar (sterk) op achteruit.Ware het niet dat we occasioneel nog goede roofbleivangsten beleven, zou ik er sterk aan twijfelen de toch wel dure bootvisserij te blijven beoefenen.
Ik blijf het herhalen.
Volgens mij liggen de oorzaken bij het steeds zuiver wordende en dus minder voedselrijke water met minder biomassa per hectare, gecombineerd met de overbevissing, in de eerste instantie door de beroepsvisserij, niet te verwaarlozen de ontelbare aalscholvers en de explosieve toename van allerlei exoten , zoals de zwartbekgrondel, die er met de kuit van vele vissen vandoor gaan.
En op enig verzet of positieve actie tegen deze gang van zaken hoop ik wel, maar reken ik al lang niet meer. Niet van de sportvissers samen, noch van de hengelsportwinkeliers en - industrie, noch van Sportvisserij Nederland. En al helemaal niet uit politieke hoek. Wat kan het die dames en heren verdommen.
Zwarte Piet veroorzaakt blijkbaar veel meer commotie dan een steeds slechter wordende visstand. Het is maar waar je belang aan hecht.
Waar die goede baarsstand de laatste jaren gebleven is, God only knows.
En de vele windes die we tussendoor aan klein kunstaas vingen, die zijn er ook bijna niet meer. Deze zomer kwam op een twaalftal trips zelfs geen enkele snoek in de boot.
Gelukkig is er nog die ene exoot, die ondertussen behoorlijk ingeburgerd is, die onze dagen soms nog wat weet op te fleuren.
Alhoewel dit seizoen anders dan anders verliep. Omgekeerd . Normaal ligt het zwaartepunt van de vangsten in het tweede deel van ons seizoen, vanaf september tot medio oktober. Nu was het eerder tegenover gesteld met topvangsten vanaf juni om later af te zwakken. Waarschijnlijk was de reden een totaal gebrek aan speldaas op de rivier in september-oktober.
Zowel oppervlaktekunstaas, als ondiep en dieplopende pluggen, vingen naargelang de omstandigheden goed. We ontdekten zwart als een zeer goede kleur voor topwater lures.
We moeten dit jaar in totaal met z'n drieën tussen de 40 à 50 roofbleien gevangen hebben, gemiddeld tussen de 60 à 70 cm in lengte. Al zaten er ook redelijk wat vissen van rond de 80 cm en 10 pond zwaar bij. De laatste van het visseizoen was meteen ook de grootste. 84 cm. En net zoals al onze grote roofbleien trollend
op grote diepte gevangen met een suspending Cotton Cordell Wally Diver
vrijdag 14 november 2014
Zeker niet gestopt
Een aantal malen kreeg ik de vraag waarom de laatste maanden geen berichten toegevoegd zijn.
Eenvoudig : het ontbrak me niet alleen aan tijd ,maar vooral aan enige goesting.
Het leven spaart me, zeker dit jaar, niet.
Op korte tijd werd ik immers met een derde overlijden op zes maanden tijd geconfronteerd.
De dood van mijn partner in crime, medejager en dokter H. heeft er behoorlijk ingehakt, niet alleen bij mij maar ook bij mijn andere jachtvriend. we zaten niet op elkaars lip maar we waren toch close, deelden elkaars interesses en voorkeur voor excentriciteiten.
Enkele weken voor zijn dood had ik hem nog gecontacteerd in verband met de organisatie van het komend jachtseizoen. En hem zoals altijd gevraagd hoe het ging met zijn gezondheid. Een afgezaagd grapje, waar hij toch nog steeds mee kon lachten. Als dokter stelde hij immers dagelijks tientallen malen deze vraag.
Er hangt een vreemde sfeer over dit jachtseizoen en het revier waar we samen zovele jaren samen jaagden.
Vandaag komen we er nog eens samen om hazen te jagen. De geest van H. zal terug nooit ver af zijn.
Eenvoudig : het ontbrak me niet alleen aan tijd ,maar vooral aan enige goesting.
Het leven spaart me, zeker dit jaar, niet.
Op korte tijd werd ik immers met een derde overlijden op zes maanden tijd geconfronteerd.
De dood van mijn partner in crime, medejager en dokter H. heeft er behoorlijk ingehakt, niet alleen bij mij maar ook bij mijn andere jachtvriend. we zaten niet op elkaars lip maar we waren toch close, deelden elkaars interesses en voorkeur voor excentriciteiten.
Enkele weken voor zijn dood had ik hem nog gecontacteerd in verband met de organisatie van het komend jachtseizoen. En hem zoals altijd gevraagd hoe het ging met zijn gezondheid. Een afgezaagd grapje, waar hij toch nog steeds mee kon lachten. Als dokter stelde hij immers dagelijks tientallen malen deze vraag.
Er hangt een vreemde sfeer over dit jachtseizoen en het revier waar we samen zovele jaren samen jaagden.
Vandaag komen we er nog eens samen om hazen te jagen. De geest van H. zal terug nooit ver af zijn.
Abonneren op:
Posts (Atom)