zaterdag 22 december 2012

Open hemelsluizen

Ik ken me best voorstellen dat ze in de Sahel vandaag heel blij zouden geweest zijn. Wij iets minder. Na de middag viel de jachtdag letterlijk en figuurlijk in het water. Echter helemaal niet zo erg. Bij nat weer vliegt en loopt het wild toch niet of niet goed, gaan hazen direct op de lopers (als we er al nog zouden willen schieten, want we zijn er zuinig op) en wordt als brildragende jager jouw gezichtsveld ten zeerste vertroebeld.
Het moest allemaal niet zo vlug gaan vandaag. Aangezien het al regende voor aanvang werd dan maar een borreltje extra genuttigd vooraleer te starten. Niet te veel natuurlijk, het moet veilig blijven.
Sjokkend door de polder
Hazen werden niet meer geschoten dus het jagen bleef beperkt tot fazanten, konijnen en eenden. Reeds vijf minuten na de start stond de Heidewachtel stokstijf aan een pluk riet. De fazantenhen die na enkele seconden plots opvloog werd vakkundig door Luc uit de lucht gehaald. Kort daarna spurtte een konijn voor zijn leven. Het sneuvelde net voor het de veiligheid van zijn pijp kon bereiken. Een volgend konijn gaf ons minder kans en werd gemist. Ondertussen viel de regen met bakken uit de lucht en begon stilletjes aan alles een beetje mis te gaan. Een drietal fazanten wist de dans te ontspringen. Noël en ikzelf wisten nog een fazantenhaan en twee hennen naar neer te halen. De haan was een prachtschot. Terwijl hij hoog boven de populieren vloog werd hij met één ver schot door Noël geraakt.
Net toen we helemaal doorweekt er de brui wilden aan geven, kwamen twee bewapende agenten van het Agentschap Natuur en Bos naar ons toegewandeld. De hevige regen deerde hen blijkbaar niet. Toen ze zich kenbaar gemaakt hadden, begon de routinecontrole van jachtverloven en van de gebruikte munitie. Enkele minuten later vroegen ze of ze autokoffer mochten controleren. Het geschoten wild werd door hen bekeken. Alles werd ok bevonden zodat we ze met een gerust gemoed prettige feesten konden toewensen.
Met een lunch van wildpaté, wild konijn met kroketjes en javanaisetaart werd de jacht voor dit seizoen in dit revier afgesloten. Morgen gaat de aandacht terug naar de polder uit. Streameren op snoek als het niet te veel waait tenminste.

donderdag 20 december 2012

Zuidoosten en lage temperatuur

Zware regenvlagen, komende uit het zuiden, in de namiddag in Nederland voorspeld. Krachtige zuidoostenwind.
Eigenlijk wisten we het al. Qua snoekvissen zou dit niet goed komen.
Maar we hadden onze zinnen gezet op een plassengebied in de buurt van Amsterdam en vissen zouden we. Te meer daar we onze trip combineerden met een bezoekje aan de bekende hengelbouwer Cor Spinhoven. Paul zou met de grote Foxshad aan de slag gaan, ikzelf zou een poging wagen het met een getakelde dode aasvis. Grote spieringen wel te verstaan waarvan ik er nog een voorraadje in de diepvrieskist herberg.  Met spiering vissen  is een goede zaak en niet alleen omdat het een topaas is. Bij iedere zakje spiering dat uit de diepvries haal, wordt immers de tevredenheid van mijn huisgenoten groter. Zij zijn het na al die jaren meer dan moe vanille-ijs met spieringsmaak te moeten eten. Zelfs de spieringkoteletjes, je raadt het al, smaken naar ...spiering.
Na een drie uur durende trip kwamen we bij de botenverhuur aan waar we zeer vriendelijk ontvangen en   verder geholpen werden. Om halfelf waren we klaar om te vissen. We besloten in de weteringen tussen de legakkers te vissen en niet op het grote open water omwille van de wind en de koude. De temperatuur bedroeg immers niet meer dan 3 graden.
Het viswater was in ieder geval veel belovend en de omringende natuur, diverse vervallen gebouwen op de eilandjes buiten beschouwing gelaten, best wel mooi. Een mooie biotoop met een rijkdom aan diverse vogelsoorten, waaronder een wel heel late boomvalk die op zoek naar prooi van eilandje naar eilandje vloog.
De uren gingen voorbij. Paul deed zich naam aan bekwaam schipper eer aan door nauwkeurig varend er voor te zorgen dat de mooiste plakjes met shad en dode aasvis konden bestookt worden. Spijtig genoeg mocht het niet veel baten. Na een dagje werpen en trollen kwam Paul niet verder dan een misser en een mooi gekleurde snoek van zo'n 80 cm. Een snoek met een afwijking want hij een eigenaardige kromming aan de ruggengraat maar dit deerde hem evenwel niet. Ikzelf zat er bij voor spek en bonen. maar ja, er zijn veel ergere dingen in het leven.
Goed natgeregend en redelijk verkleumd kwamen we aan bij de botenverhuur.
Op het einde van de visdag bleven we nog geruime tijd nakeuvelen. Uit de vangst van één van de  regelmatige snoekvissers bleek inderdaad dat het een sofdag was. Ook hij had maar één snoekje gevangen en hij kende het viswater als zijn broekzak.
De avond werd afgesloten in de hengelzaak van Cor Spinhoven. Paul had besloten een stevige vierdelige CJW kunstaashengel aan te schaffen zodat we van de gelegenheid gebruik maakten een bezoekje te brengen aan de plaats waar perfectie eindigt en Cor er pas mee begint.
Alhoewel Cor me al behoorlijk wat hengels bouwde, volgens sommigen zelfs té veel, had ik hem nog nooit in levende lijve ontmoet. De afstand tussen ons is letterlijk wat te groot. Wel onze ontmoeting viel heel goed mee. Cor deed zijn reputatie eer aan en al snel werd over van alles en nog wat gepraat rond het vuur. Zijn alom bekende kopjes koffie dienden we echter af te slaan. We hadden er immers al veel te veel op. Bovendien ontmoetten we enkele medebloggers. Peter en John, de ultralichte hengelaars wiens exploten te lezen vallen in de blog Struinen door de polder,een blog die ik ook al jaren volg. Altijd leuk om eens in real time kennis te maken. Met een order voor een nieuwe spinhengel konden we de verre terugreis aanvatten.    

dinsdag 18 december 2012

Speedia

Ik heb het altijd al moeilijk gehad om te kiezen. Toch op hengelgebied.
Na meer dan veertig jaar volg ik nog steeds zoveel mogelijk alle ontwikkelingen binnen de hengelsport op de voet en ik zal zeker niet nalaten moderne en vernieuwende zaken uit te proberen. Een mens moet met zijn tijd mee, vind ik.
Langs de andere kant heb ik echter ook te lijden onder relatief zware nostalgische trekken.  Een hang naar vroeger toen hengelen nog niet zo nodeloos gecompliceerd was als heden.
Eén zaak is zeker. Vroeger wisten ze ook uitstekend visgerei te maken en ermee te vangen. Materieel, zoals hengels in splitcane, dat zeker de tand des tijds doorstaan heeft en zijn kwaliteiten ruimschoots bewezen.
Websites over traditioneel hengelen zoals www.purepiscator.com , www.theintrepidpiscator.blogspot.be en www.traditionalfisherman.co.uk volg ik op de voet. Chris Yates bewonder ik voor zijn eigen stijl en flair. Zijn boeken, zoals The Deepening Pool, kan ik ten zeerste aanbevelen.
Links de Speedia Mk II met nauwe spoel, rechts het Deluxe
 model met wijde spoel  
Als ik terug zo'n nostalgische bui voel aankomen, grijp ik voor het spinvissen terug naar mijn splitcanehengels van Pezon et Michel. De Luxor Luxe 500 (een tiengrammer) en 1200 (een vijftiengrammer) zijn mijn uitverkoren spinhengels. Ze hebben naar splitcanenormen een relatief strakke actie en hebben een handige  lengte van 2,20 meter.
Voor het trottend vissen op blankvoorn, brasem en winde gebruik ik sinds enkele jaren intensief een centrepin. Ik had reeds lang een Adcock Stanton centrepin in mijn bezit maar het vissen ermee was toch nog niet zo gemakkelijk als ik me voorgesteld had. Te meer daar deze traditionele centrepin geen antiretour heeft wat telkens voor een overvloed van pruiken zorgde. Maar al doende leert men en, al zeg ik het zelf,  ik kan  nu behoorlijk met de centrepin overweg. Zelfs werpen met de Wallis cast lukt me, zij het maar af en toe.
Uit de lectuur van ettelijke Engelstalige artikels over het driftend vissen met de dobber op stromend water, kwam steeds een bepaald merk van centrepin naar voor. Een "budgetcentrepin" die natuurlijk al tientallen jaren niet meer gemaakt wordt  en ondertussen omwille van zijn kwaliteiten een hype geworden was. Een centrepin die in een normale en luxe versie geproduceerd werd en met een wijde of een smalle spoel. Een reel waarvan de geschiedenis in een waas van geheimzinnigheid gehuld  is.
Mijn nieuwsgierigheid was dermate aangewakkerd dat ik ook op zoek ging naar zo'n centrepin. Ik zou en moest er één hebben. Maar ik kwam ze, althans niet in goede staat, tegen op beurzen zoals de jaarlijkse verzamelaarsbeurs in het Van der Valk hotel te Eindhoven.
Maar vandaag kwam de post met een pakketje uit Engeland. Sinds deze morgen mag ik me, zoals dat heet,  de trotse eigenaar noemen van niet één maar twee Speedia's, een reel ooit geproduceerd door W.R. Products, Shepherd Bush te Londen.
De ene centrepin is de traditionele Speedia met smalle spoel, de andere het deluxe-model met wijde spoel. Beide centrepin hebben een diameter van 4 inch. Als toemaatje kreeg ik ook de originele dozen toegezonden. Over de prijs heb ik het liever niet.
Beide centrepins zijn oud. Ik schat zeker veertig à vijftig jaar. Ze missen hier en daar wat verf maar dat heeft zijn charme. Voor rest  functioneren ze zoals het hoort. En ze hebben een antiretour met een luide typerende ratel. Ik heb ze ondertussen een beetje opgepoetst en geolied. Nu nog nylon er op en zijn klaar voor de strijd.    

maandag 17 december 2012

Mooie dagen

Heel veel mensen eten met eindejaar wild maar toch blijven de meningen in Vlaanderen over de jacht uiterst verdeeld. Hoe het komt dat er een discrepantie is tussen degenen die wild eten maar toch tegen de jacht zijn, blijft voor mij een raadsel. Ook is er een groot verschil van opinie tussen stedelingen en inwoners van het platteland, voor zover er nog veel buitengebied resteert in Vlaanderen.
Nooit zal ik tegenstanders trachten te overtuigen van mijn passies. Langs de andere kant ben ik heel open over mijn jacht- en visactiviteiten. Ik schroom me er dan ook niet voor te zeggen dat ik veel plezier aan mijn activiteiten beleef. In mijn professionele omgeving weet iedereen dat ik jaag en vis en eerlijk gezegd, ik ervaar bijna geen negatieve kritiek.
De laatste tijd komt het ook meer en meer over dat men de wildstand zou moeten beheren met bij voorkeur een chagrijnige blik op het gelaat. Met de bureaucratisch regelneverij zullen we moeten leren leven, maar in feite komt alles toch neer op gezond verstand, respect voor elkaar en het wild, kameraadschap en plezier.
Het voorbije weekend werd intensief gejaagd enerzijds in ons jachtrevier, anderzijds in een uitgestrekt bos- en cultuurlandschap langsheen de grootste rivier van Vlaanderen.
Zaterdag werd voor de laatste maal een nog onbetreden deel van ons revier te bejaagd. Aangezien we ons zelf streng beperken qua hazenafschot teneinde het bestand op een gezond peil te houden, mochten nog twee hazen geschoten worden. Ik had er nog één nodig voor mijn vismaat, dus dat kwam goed uit. Op het einde van de namiddag kreeg ik mijn kans. Op zo'n vijfentwintig meter van mij dwarste een mooie haas het weiland. Dit zou de mijne worden .Eén schot in de flank en daar lag hij.  Niettegenstaande ik met zware staalhagel schiet en de haas vol geraakt was, was het dier terug niet direct dood zodat een tweede vangschot nodig was. Nog steeds krijg ik een heel wrang gevoel bij het verbod van het gebruik van loodhagel. Staalhagel  is omwille van zijn geringere slagkracht echt niet weidelijk in gebruik. Dieronvriendelijk, alhoewel misschien hier deze term ietwat misplaatst is. Bovendien maakt staalhagel van het wild een bloederig geheel wat opnieuw bleek toen ik 's avonds de haas stroopt en en schoon maakte. Voor volgend jaar neem ik me voor staalhagel nog enkel voor de jacht op houtduiven te gebruiken en voor de overige kleinwildjacht tungsten, hoe duur deze patronen ook mogen zijn.
Zondag was een heel intensieve en lange jachtdag waarbij het enkel de jacht op fazanten vrijgegeven was. De hazenstand liet geen verdere bejaging meer toe en op konijnen zou later met fretten gejaagd worden. Een achttal geweren met genoeg drijvers en vier honden waren enthousiast voor wat komen zou. De zon was van de partij en het bleef droog zodat een mooie dag in het verschiet lag. Bosperceel na bosperceel werd bejaagd in een gemengd systeem met geposteerde geweren en geweren in de trak voor terug vliegende fazanten te stoppen. Niettegenstaande de fazanten, mede door de wind, als raketten vlogen bleek iedereen zeer goed bij schot. Ook ikzelf had mijn oude vorm te pakken.  Over de middag werd kort onderbroken voor een glaasje en een hapje om daarna weer snel aan de slag te gaan. Supersnelle, superhoge fazanten en zeer bedreven schutters maakten deze dag tot één van de mooiste van het seizoen zodat we op het einde konden terug blikken op een totaal van 42 stuks. De ambiance achteraf was onovertroffen zodat iedereen met een goed gevoel naar huis kon terug rijden.  

donderdag 13 december 2012

De nagel op de kop

Bijna dagelijks bezoek ik gedurende mijn middagpauze het wonderlijke wereldwijde web, dat voor ons allen  toch wel regelmatig nieuwe inzichten te bieden heeft.
Ik neem meestal maar een half uurtje onderbreking tussen het werken door. Een tijdspanne waarin ik niet alleen vlug enkele dagbladsites bezoek, maar meestal ook een blik werp op vaak dezelfde hengelsites. Naast een aantal weblogs, behoren www.totalfishing.nl, www.baarsvissen.nl, www.chrismccully.co.uk,www.erikdenoorman.com, www.flyfever.nl en www.talesbytheriverbank.wordpress.com steevast tot mijn  favorieten.
Sinds de komst van het internet en vooral sinds het ontstaan van Facebook en Twitter wordt er wat afgehoerd in deze digitale wereld. Spijtig genoeg hebben velen vaak maar al te vlug hun hersenloze opinie klaar. Elkaar afbreken gaat blijkbaar vlugger of is aangenamer dan het geven van positieve feedback. Veel mensen drijven op negativisme.
Dit neemt niet weg dat op het internet ook vaak pareltjes van verhalen terug te vinden of onderbouwde kritiek.
Vandaag viel mijn oog op de bijdrage "Zelfreflectie", geschreven door ene Willem in de rubriek "Vraag en aanbod" van Total Fishing.
Met deze hengelaar ben ik het nu eens meer dan eens.
Hengelen is heden ten dage maar al te erg afgegleden naar platte commercie. Met "grote namen" die ons per se willen laten geloven dat de allernieuwste shad werkelijk véél, véél beter is dan onze oude modellen. Die zonder scrupules de laatste wonderplug in de bek van een megasnoek hangen. Een supervis, die echter wel voor dit doel in een privéwater met levend aas gevangen werd of zoiets. Het lijdt geen twijfel dat bij deze vormen van reclame het welzijn van de roofvis zeker niet op de eerste plaats staat.  Bovendien slaat de poserende superhengelaar met de onnatuurlijk bengelende plug toch maar een mal figuur.
Net zoals ik wedstrijdvissen, zeker op roofvis, niet passend vind, heb ik het evenmin voor deze bedriegelijke en snoekverprutsende handelspraktijken. Men doet de dingen goed of men nu terugzetten of opetenvan de vangst voor ogen heeft.
En wat ik ook al helemaal niet begrijp is waarom en hoe men door het vangen van een specimenvis of een groot aantal vissen, zich een uitzonderlijke hengelaarsstatus wil aanmeten. Doe toch eens normaal.
Geniet toch eens op een eenvoudig manier van hengelen. Zonder vangststress. Zonder commerciële verplichtingen.  Zonder opschepperij. Zonder nodeloze concurrentie en prestatiedrang. Maar met respect voor de natuur en vangst. Met plezier onder de vrienden. Met tijd voor een aangenaam gesprek. Mat aandacht voor het kleine. Vang ze volop maar vis bij voorkeur weerhaakloos en zet ze na eenvoudig fotootje zo vlug mogelijk terug. Of de enkele maal dat je vis op het menu zet, bestem ze direct met een harde klap tot de dis. Maar doe je omwille van de handel in ieder geval niet voor als sportvisser.

dinsdag 11 december 2012

High pheasants

Naar jaarlijkse gewoonte had Frans me uitgenodigd voor een dagje jagen in het prachtige beboste jachtrevier waar hij één van de vennoten is. We zien elkaar niet veel zodat het een hartelijk terugzien was, niet alleen van hem maar ook van de andere medejagers. Van 's morgens vroeg zat de ambiance er al goed in. Te goed zodat we lang aan tafel bleven zitten en pas na tien uur startten.
Meteen kregen we een zware regenvlaag over ons heen. Echter geen reden om niet door te zetten. De fazanten werden gedreven waarbij de vijf geweren telkenmale op kop en langs de zijkanten geposteerd stonden. Op deze manier werden vijf bosgebieden afgewerkt. De dag werd afgesloten met een uurtje jagen voor de voet langsheen rietkragen.
Vergis je niet : de reiger is wel degelijk van plastic
Terwijl mijn medejagers blijkbaar een goede nachtrust genoten hadden en goed bij schot waren, mocht het bij mij, zeker in het begin niet lukken. Op de me toegewezen  plaatsen kwamen aanvankelijk weinig fazanten over. De twee, die toch binnen schot kwamen, miste ik geen klein beetje. De fazanten waren zeer hoog. En snel. Boven de toppen van populieren vlogen ze. En vlug, gedreven door de wind. Maar toch binnen schot en ik had geen reden om te missen. Behalve dan de zware camojas die ik omwille van het koude weer aan had en me een toch beetje hinderde in mijn bewegingen.  
En zoals het onder jagers hoort, was ik natuurlijk het middelpunt van opmerkingen over mijn klungelige schietprestaties. Dat ze dit niet gewoon van mij waren. En dat het waarschijnlijk een teken was dat ik te oud voor de jacht geworden was. Ook dat ze nog een goede instructeur voor bijscholing kenden. Als jager moet je tegen dit soort goedmoedig gesar kunnen. En ik speelde het spelletje mee door de meest onmogelijke argumenten te verzinnen om mijn wanprestaties te vergoeilijken.
De dag, onderbroken door hete soep met broodjes, ging vlug voorbij. We kregen nog veel kansen op hoge en snelvliegende fazanten. En zowaar, na de lunch, miste ik geen enkele hoogvliegende fazant meer. Jagend voor de voet werd echter niets meer gestrekt. Ofwel vlogen de fazanten richting huizen zodat ze niet veilig konden beschoten worden, ofwel waren de konijnen ons in de groenbemesting te vlug af.
Met een mooi eindtotaal van 21 fazanten, 17 hennen en 4 hanen, kwam de dag tot een einde. Maar niet totdat nog enkel uren nagekaart was in het jachthuis waar bij een drankje steeds wilder wordende jachtverhalen opgedist werden.              
  

zondag 9 december 2012

Bedankt voor de compagnie

"Bedankt voor de compagnie" is een Vlaams gezegde waarmee men zijn gezelschap op het einde van een gezellig samenzijn, of het nu, ik zeg maar, een biljartpartijtje, kaartavond of jachtdag is, afscheid wenst.
Eerlijk gezegd, ik vond dit vroeger, toen ik nog jong was, een vreemde uitdrukking.  Goede vrienden en een goed gezelschap leken me immers zo vanzelfsprekend, dat ik het een beetje overdreven vond.  Nu en ouder geworden schat ik er de waarde veel beter van in. Het mag nog een rotdag zijn, een gezellig samenzijn onder vrienden met de het nodige eten, drinken en plezier tovert een baaldag om tot een topper.
De afgelopen dagen werd er gevist, zonder enig resultaat weliswaar en een paar maal gejaagd. Het seizoen loopt al een beetje op zijn einde en de resultaten zijn er ook naar. Een efficiënt wildbeheer noopt ons tot het beperken van het afschot zodat de laatst malen nog slechts 3 hazen, enkele konijnen en een vijftal fazanten gestrekt werden. Als verrassing bood zich plots een nijlgans, een in Vlaanderen ongewenste exoot en geheel het jaar bejaagbaar, zich aan. Dit leverde nog een mooi ver schot en een gelukkige schutter op. De nijlgans bleek echter oud en taai te zijn, zodat ze als voedsel voor de fretten bestemd werd.